Post Tagged ‘GameWorks’

Avast, me hearties! In een paar jaar tijd hebben piraten de wereld veroverd: je kan tegenwoordig geen kant meer opkijken of een bonkige boekanier staart je aan van op televisie of poster. De Jack Sparrows en andere Piet Piraten van deze wereld heersen tegenwoordig niet alleen over de zeven wereldzeeën, maar ook over de media. Het bordspelwereldje is natuurlijk ook een gemakkelijk doelwit en snel overmeesterd: er zijn tenslotte niet zo veel verschillen tussen een groepje ongewassen mannen die een langere tijd opgesloten zit in een kleine ruimte, en piraten…

Niet verwonderlijk dus dat er ondertussen een uitgebreide keur is aan bordspellen met een piratenthema. En omdat het niet altijd Pirates Of The Caribbean of Studio 100 moet zijn, ziehier: Jamaica.

Het verhaal:

Het stereotype beeld dat iedereen van Jamaica heeft – een eiland vol hardlopende dreadlocks die reggaemuziek maken en bobsleeën – blijkt dus niet altijd van toepassing te zijn geweest. In de zeventiende eeuw slaagde vrijbuiter Henry Morgan er zelfs in om, in naam van de Engelsen, met zijn Piratenpartij het gezag over het eiland te veroveren. Maar in plaats van recht en orde te laten geschieden, maakte hij er een vrijhaven van die van heinde en verre het grootste uitschot van de oceanen aantrok. Om dit heuglijke feit jaarlijks te gedenken organiseerde hij een race rondom het eiland, waarbij enkel de snelste en rijkste kapitein zegevierend havenwaarts mag varen.

Piraten zouden echter geen piraten zijn als er geen klein beetje valsspelen, wat aftroggelen en een heleboel kanongebulder aan te pas zou komen natuurlijk…

Het spel:

Het spel is even eenvoudig uitgelegd als het eruit ziet. De kust rondom het eiland Jamaica is verdeeld in vakjes en het is uiteraard de bedoeling om zo snel mogelijk de aankomstplaats Port-Royal te bereiken. Dat blijkt echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. Elke zeerover heeft een identieke trekstapel van 12 actiekaarten. In je hand heb je drie van deze kaarten. Elke kaart heeft een ochtend- en een avondactie en deze acties kunnen zijn: vooruit gaan, achteruit gaan of goederen inslaan. Bij het begin van een ronde gooit de startspeler nu twee dobbelstenen en kiest welke hij bij de ochtend plaatst en welke bij de avond. Iedere speler legt nu simultaan één handkaart af die, gezien de dobbelstenen, het best uitkomt. Iedereen voert zijn acties uit: zoveel stapjes vooruit/achteruit als de ogen van de dobbelsteen, of zoveel goederen van een bepaalde soort (goud, voedsel of munitie) in je ruim laden. Nieuwe kaart trekken van je trekstapel, en de volgende ronde begint.

Er komt echter meer bij kijken. Piraten zouden geen piraten zijn als ze je niet bij de minste mogelijkheid geld zouden aftroggelen. Op (bijna) elk vakje waar je landt, zal je immers liggeld moeten betalen, in voedsel of goud. Kan je dat niet, dan verlies je al je voorraden van die bepaalde grondstof en wordt je teruggeslagen naar een vakje waar je wel de kosten van kan betalen. En sinds je maar een beperkte laadruimte hebt, zal je merken dat grondstoffenschaarste niet alleen een modewoord uit de twintigste eeuw is. Met een beetje geluk kan je natuurlijk ook op een piratenhol terechtkomen waar je een schat vindt: mogelijkheden om de dobbelstenen te beïnvloeden, extra handkaarten, extra overwinningspunten,… Maar pas op, zo nu en dan kan zo’n schat ook wel eens vervloekt zijn – wat blijkbaar een aloud piratengrapje is.

Trouwens, je bent ook niet alleen onderweg. Je concurrenten zullen je maar al te graag enteren en, in het kader van onvrijwillige samenwerking, ontlasten van je zuurverdiende voorraden of schatten. Zeeslagen worden ook weer uitgevochten met dobbelstenen, al kan je dame Fortuna een handje helpen door extra kanonnen in te zetten, die je dan wel kwijt bent.

Wanneer het eerste schip de finish overschrijdt, eindigt het spel onmiddellijk. De spelers krijgen bonus- of negatieve overwinningspunten voor hun plaats op het bord en hun schatten, alsook voor het goud dat ze nog over hebben in hun ruim. De speler met de meest overwinningspunten wint de race en het spel…

De meerwaarde?

Om vooruit te geraken in deze race hoef je niet de goden van wind en water aan te roepen, maar eerder die van het geluk. Het mag duidelijk zijn dat wanneer er zoveel trekken-van-kaarten en rollen-van-dobbelstenen aan te pas komt, enig toeval wel zal voorkomen.  Spelers die het daar moeilijk mee hebben, kunnen het schip maar best zo snel mogelijk verlaten. Ook zij die nood hebben aan een race-spel pur sang, zullen niet aan hun trekken komen. Want Jamaica is meer dan dat. Resource management speelt immers zo’n belangrijke rol, dat het soms lijkt of je meer stilstaat en zelfs achteruit vaart, dan voorwaarts.

Veel hangt natuurlijk af van de kaarten die je trekt. Hoewel het soms lijkt dat er helemaal niets mee kan aanvangen en je de tegenstand enkel nog maar als stipjes aan de horizon kan waarnemen, zal blijken dat dit misschien een uitgelezen moment is om weer wat goederen op te slaan. Spelers die enkel maar koers recht vooruit denken, zullen merken dat ze snel hun kosten niet meer kunnen betalen, waardoor ze vele, vele vakjes weer achteruit waaien…

Maar moest je toch hopeloos ver in de achtergrond verzeilt geraakt zijn, dan kan je toch nog genieten van het spel. Van uitgeverij GameWorks waren we al gewoon dat er uitzonderlijk veel zorg in de  afwerking van het bord en de onderdelen wordt gestoken, maar hier hebben ze toch wel zichzelf overtroffen. Van de doos die eruit ziet als een schatkist  tot het inlegsel in de doos dat op werkelijk geniale wijze alle onderdelen gescheiden en op hun plaats houdt. Enig minpunt: de spelregels vormgeven als een schatkaart van 1 bij 1,5 meter is misschien thematisch heel leuk, maar niet zo heel praktisch als je eens een spelregel moet opzoeken.

En dus:

Een spel uit het lichtere genre waarbij een hoge dosis geluk van toepassing is. Je zal soms het gevoel hebben dat het spel helemaal niet uitgebalanceerd is en de spelontwerpers eerder gekielhaald zouden moeten worden, maar het gaat er juist om van uitzichtloze situaties het beste te maken, wetende dat iedere speler vroeg of laat in dezelfde situatie zal terechtkomen. Zoals bij elk spel waar interactie een wezenlijk onderdeel van uitmaakt, geldt ook de volgende vuistregel: hoe meer spelers, hoe meer vreugd (en conflict, natuurlijk). Als je er dan ook tegenkan dat je medespelers om de haverklap je ruim leeghalen of je boot richting Davy Jones’ locker torpederen (en jij hetzelfde kan doen bij hen), zal je ontdekken wat een schat aan mogelijkheden en plezier dit spel kan verschaffen! Shiver me timbers!

naam: ‘Jamaica’
designer: Sébastien Pauchon, Malcolm Braff en Bruno Cathala
uitgeverij: GameWorks
jaar: 2010
aantal spelers: 2-6
tijd: 45 min

Review: Bonbons (GameWorks)

Geplaatst: 7 februari 2012 in review
Tags:, , ,

Het is nu éénmaal een vaststaand feit: de bordspelwereld is voor het grootste deel een mannenwereldje. En dat heeft nu eens helemaal niets met kunde of kennis te maken – vorige week nog vlotjes afgedroogd door een vriendin bij Agricola, en dat terwijl ze me onderweg nog geholpen heeft ook. Maar geef toe: we zijn ook niet echt uitnodigend voor de vrouwelijke bordspel-leken. Arkham Horror gaat over oude monsters in donkere steegjes, niet echt de geliefkoosde verblijfplaats van vrouwen. Twilight Imperium speelt vlot de 5 uur voorbij, maar het enige wat een vrouw zolang kan, is de badkamer bezetten. Bordpelen met miniatuurtjes à la War Of The Ring worden dan weer gedegradeerd tot spelen met de poppetjes en war games… Eerlijk gezegd spelen die zich meestal ook niet af in de leefwereld van de gemiddelde dame.

Hoe kunnen we dan toch meer vrouwen overtuigen om eens mee deel te nemen aan een gezelschapspel? De logische stappen zouden zijn om te beginnen met een kort spelletje, zodat ze het niet beu kan worden. Misschien gebaseerd op andere bekende spelen, zodat de regels snel uitgelegd zijn. Iets vrolijk en niet te competitief, want er mag al eens gelachen worden.  En vooral: een vrouwvriendelijk thema, en wat is er nu vrouwvriendelijker dan snoep? Combineer nu dit alles en je komt eigenlijk maar tot één spel: Bonbons.

Het verhaal:

Oké, oké. Zeggen dat dit spel enkel voor vrouwen is, is wel erg kort door de bocht. Maar toch is het best wel slim: snoep is immers een thema dat iedereen wel aanspreekt: van de jengelende kleuter aan je broekspijp tot de grootmoeder die er even haar vals gebit voor opzij legt. Er hoeft zelfs geen verhaal achter te zitten: gewoon ervoor zorgen dat je de meeste snoepjes binnenspeelt is voor de meeste mensen al inleving genoeg – en in sommige gevallen nog eens erg realistisch ook.

Het spel:

Zoals al eerder gezegd: het is een doodeenvoudig spelletje. De regels heb je zo onder de knie, niet in het minst omdat ze gebaseerd zijn op de oeroude klassieker Memory. Gelukkig zijn de makers erin geslaagd om aan het spel zo’n twist te geven, zodat het spel geen identieke kopie is.

Het spel begint met zesendertig gedekte tegeltjes in het midden van de tafel. Op elk tegeltje staat een verschillende afbeelding van  snoepje. Ook elke speler krijgt vier gedekte tegels voor zijn neus. Hierop staan, bij iedere speler, vier van de zesendertig snoepjes op. Je weet echter ook zelf niet welke!  En daar begint het spel natuurlijk: wie vindt als eerste de bijhorende kaartjes bij zijn vier persoonlijke kaarten?

Om de beurt draai je twee kaartjes om. Eén persoonlijke kaart (al mag die ook van iemand anders zijn!) en één centrale kaart. Zijn deze identiek, dan blijven ze openliggen. Hoera, één setje gevonden! Zijn ze verschillend dan draai je ze weer om. Dit mechanisme zou toch bekend genoeg in de oren moeten klinken om menig jeugdtrauma met de familie aan de keukentafel weer boven te halen, niet? Gelukkig is er (een klein beetje) meer te doen…

Zoals hierboven al vermeld kan je ook persoonlijke kaarten van de tegenstander omdraaien. Weet je immers het bijhorende kaartje te vinden, dan mag je één gedekte kaart van jezelf ruilen met de net gevonden kaart van je tegenspeler.  Hoera, weer een setje voor jou erbij, en je tegenstander kan weer van voor af aan beginnen. Tussen de zesendertig kaartje zitten trouwens nog enkele verrassingen. Zo is er de tegel met het lege snoeppapiertje – zo ongeveer het droevigste zicht uit heel het spel – wie deze omdraait, krijgt er een gedekte persoonlijke tegel bij. En dan heb je ook nog de geldstukken: wie één geldstuk omdraait, en in één ruk ook het tweede en het derde kan omdraaien, mag deze drie nemen en op één van zijn gedekte tegels leggen. Deze tegel geldt dan als ‘ontdekt’. En eigenlijk… meer kan ik er echt niet over zeggen!

De meerwaarde:

Laat me eerst en vooral zeggen dat dit een mooi spel is. Uitgeverij GameWorks heeft er zoals gewoonlijk weer werk van gemaakt: het hele doosje, inclusief inhoud, ziet er weer uit om op te eten. Nogal toepasselijk voor een spel over snoep natuurlijk.  De spelregels zijn duidelijk en zetten je direct aan het spelen.

Maar wat is nu de meerwaarde van een spel dat net iets te hard op Memory lijkt? Eerlijk gezegd, niet veel. De twists die aan het spel zijn toegevoegd zorgen voor wat leuke interactie en variatie, maar geluk blijft toch de grootste factor in héél het spel. En toch…

En toch vind ik dit een fantastisch spel!

En dus:

De lage instapdrempel, de korte speeltijd de interactie en de lichte interactie tussen de spelers maken van dit spel een eenvoudig opwarmertje of tussendoortje op de speeltafel. En als je enkel dat van het spel verwacht, word je ook niet teleurgesteld. Je zal zelfs merken dat – op geheel eigen wijze – dit spel echt wel heel leuk is. Je voelt je even weer 10 jaar oud op de speelplaats en je probeert je vriendjes hun snoep af te troggelen. Good ol’ times.

Lach me dus maar uit, o übergeeke bordspelmensen, maar tot nader order ben ik gigantisch fan van Bonbons…

naam: ‘Bonbons’
designer: Marc André
uitgeverij: GameWorks
jaar: 2011
aantal spelers: 2 tot 6
tijd: 15 min